‘Als jullie Mij kennen zullen jullie ook Mijn Vader kennen…’

Verbaas je over Gods liefde, Zijn Vaderhart.
Vanmorgen las ik een stukje uit een boek dat inzoomde op de langste preek van Jezus. Die staat opgetekend in de hoofdstukken 14 tot en met 17 van het Johannes-evangelie. Wist je dat Jezus het hier meer dan vijftig keer over de liefde heeft? En zelfs meer dan vijftig keer over de Vader! Ik had in een van mijn vorige blogs beloofd een stukje te schrijven over vaderliefde…
Dat iedereen een vader heeft is een zekerheid waar je niet onderuit komt – of je nu in deze wereld wel een vader hebt of vaderloos bent (geworden), vaderliefde hebt ervaren of een vader hebt waar je liefde van hebt gemist – anders was je er niet geweest. Maar het gaat er in deze blog om, dat je weet dat je een Vader hebt, dat Hij jou kent en jou erkent als Zijn kind, dat ook deze onvoorwaardelijke Vaderliefde voor jou is bedoeld.
Er is ontzettend veel geschreven over deze onvoorwaardelijke Vaderliefde. Mensen zijn er namelijk dagelijks naar op zoek. Het zit in de mens verweven deze liefde te zoeken en aan te nemen als een nood, om de lege plek in het hart te vullen. Het is vergelijkbaar met een baby die huid op huid contact met de vader en de moeder nodig heeft, omdat zonder deze liefdevolle aanrakingen het kind geestelijk zal sterven. Het is alsof de poriën van de huid gevuld moeten worden met stofjes liefde die absolute eeuwigheidswaarde hebben. Wanneer het kind nooit (of weinig) wordt geknuffeld, vastgehouden en vertroeteld, zal het geestelijk overlijden en niet in staat zijn zelf liefde te geven en niet weten hoe liefde te ontvangen.
Zo heeft ook een volwassene liefde broodnodig. Geestelijke knuffels zeg maar. Bevestiging dat de Vader je ziet en om je geeft, ongeacht je misstappen. Dat Hij weet wat je voelt, waar je doorheen gaat, dat je echt je best wel doet. Dat Hij met je mee gaat als je ergens bang voor bent of enorm vreest. Je weet ongetwijfeld wat ik bedoel, omdat je zelf mens bent en deze liefde ook begeert.
Wat kan ik toevoegen aan al het moois dat al over deze Vader is geschreven en gezegd? Niets!
Wel kan ik vanuit het gemis van een aardse vader zeggen; Hoeveel heb je deze Vader dan nodig? Alles!
Vanmorgen voelde ik het weer. Het gemis. Het gapende gat in mijn ziel dat ik nooit kan vullen. De kloof naar vaderliefde is enorm en de overkant zal voor mij nooit bereikbaar zijn. Ik ervaar dat die ruimte niet meer te vullen is door een aardse vader. Ik voel me leeg als ik daar aan denk…
Is er een manier om deze leegte weer te vullen? Is het werkelijk mogelijk?
In de stilte van mijn hart roep ik om een vader. Smeek ik en verlang ik…
‘Vader…!’
Onrustig en met een leeg gevoel vluchtte ik naar een stille plek. Ik wil dit gevoel loslaten en de leegte op een of andere manier vergeten. Want zo’n leegte doet pijn. Het is als honger en dorst en happen naar adem…
‘…zet je er overheen Tineke! Laat je er niet door afleiden, anders hoor je weer de galmende put en de echo van die nare leegte… Niet doen!’
Ik zat op een stoel en staarde voor me uit. Het was stil. Stil in mijn hart. Kon ik Hem horen als ik goed luisterde? Zijn aanwezigheid ervaren als ik voel met mijn hart?
‘Vader…’
Toen ik riep hoorde ik iets dat mijn aandacht trok, als een gevoel dat op de deur van mijn hart bleef kloppen. In de fluistering van de wind omringde het mij, ver weg en toch heel dichtbij. De stem van mijn Vader?
‘Ik zie je…’
Stilte.
Schrok ik? Was het gevoel te intens? Werd ik bang? Ik kan toch gewoon gaan zitten en bidden? Ik bid elke dag! Dan voelt het ook niet zo… anders.
‘Vader…?’
‘Ik Ben Er.’
Ja! Hij was er werkelijk! Hoe kon ik anders de warme stroming door mijn aderen voelen terwijl ik even tevoren nog rilde van de kou?
‘Ik wil zo graag even bij U komen. Ik heb U zo nodig…’
‘Sluit je ogen.’ Ik sloot mijn ogen.
‘Voel met je hart.’ En ik voelde met mijn hart.
‘Waar ben je geweest?’ Vroeg Hij me.
‘Eigenlijk overal en toch ook weer nergens, Heer. Maar vooral ben ik druk geweest met alles zelf en alleen te willen doen…’ Begon ik.
‘Ik raak uitgeput…’
‘Uiteraard,’ zei Hij. ‘Ik heb je al een tijdje niet gezien.’
Ik wilde het Hem zeggen. Ik wilde Hem zoveel vertellen, maar vooral wilde ik Hem duidelijk maken dat ik het zo mis.
‘Ik kan het zo missen, het niet hebben van een vader in mijn leven.’
‘Dat weet ik.’ Zei Hij.
‘Maar…’
‘Shhh.’ Suste Hij me zacht.
‘Ik ben dezelfde, gisteren, vandaag en tot in eeuwigheid’ Hij was heel dichtbij.
‘Ik weet het, Heer.’
‘Dus je weet ook wat ik je heb beloofd, en dat het gisteren, vandaag en morgen nog steeds zo is…’
‘Ja, Heer. Dat U mijn Vader bent en ik Uw kind.’ Ineens merkte ik dat ik glimlachte…
‘…En U van mij houd.’
Ik voelde het! Het voelde als een bevestiging dat op mijn hart werd gedrukt!
‘Goed zo.’ Zei Hij geduldig. Ik grinnikte.
‘Wanneer kom je weer…?’ Vroeg Hij. Ik wist dat Hij het wist. Hij wilde alleen maar dat ik zou zeggen dat ik snel weer zou komen.
‘Zo snel mogelijk, Heer!’
God kiest je niet uit op grond van je daden, maar omdat Hij je roept. (Rom. 9:12) Er gaapt een groot gat in onze wereld; vaderloosheid. Alleen aan Gods Vaderhart vinden we rust. Die rust moeten we leren kennen. Rusten in Gods genade, in Zijn onverdiende gunst, Zijn Vaderliefde, rusten aan Gods hart. Het is een kwestie van ontvangen, vertrouwen en geloven. Verbaas je over Gods liefde, Zijn Vaderhart!
Intussen had ik mijn handen gevouwen en waren ze niet meer opstandig als gebalde vuisten. Want dat wat ik had ontvangen was als een liefdevolle omhelzing van mijn Vader, recht in mijn hart…
Geïnspireerd door de boekenreeks van Jill Briscoe 
<span>%d</span> bloggers liken dit: