Even stoppen (zonder dat je er meteen iets van moet maken)

Published by

on

Ik dacht lange tijd dat stilstaan iets was wat ik moest plannen.
Iets als:
vanavond ga ik reflecteren.
Wat meestal eindigde in:
oh ja… dat was ook nog een plan.

Want eerlijk is eerlijk: De dagen gaan gewoon door. De lijstjes ook.
En als je niet oppast, schuif je jezelf daar ergens netjes tussen, als iets dat nog moet gebeuren als er tijd over is.

Alleen… die tijd komt meestal niet vanzelf.

Wat wel komt, is dat moment aan het einde van de dag waarop je ineens merkt dat je moe bent, of dat je daarnet kort reageerde, of dat er iets bleef hangen zonder dat je precies weet wat.

En ergens zit daar iets wat even gezien wil worden.

Ik ben dat pas later gaan opmerken omdat ik mezelf steeds iets vaker betrapte op: oh… hier zit nog iets van vandaag.

En nee, dat zag er niet uit als mooie reflectiemomenten met diepe inzichten.
Soms was het letterlijk “Vandaag was gewoon veel.”

Maar gek genoeg was dat soms al genoeg. Wat ik merkte, is dat het niet gaat om alles begrijpen. Het gaat meer om even terugkijken zonder meteen iets te willen oplossen.

Even kijken:
wat bleef hangen
wat energie kostte
wat juist fijn was

En ook: waar ik mezelf een beetje voorbij liep.

Ik had ergens het idee dat reflectie iets groots moest zijn. Inzichten. Doorbraken. Nieuwe levensrichtingen. Maar meestal is het gewoon: even stilstaan bij wat er al was.

Want als je dat niet doet, blijft het rondgaan, als gedachten die blijven terugkomen. Gevoelens die zich opstapelen. Kleine irritaties die ineens groter voelen dan ze eigenlijk zijn.

Tot je jezelf hoort reageren en denkt: oké… waar kwam dit ineens vandaan?

Wat ik ben gaan merken, is dat reflectie eigenlijk heel simpel mag zijn. Geen schema’s, geen perfecte vragen, geen “dit moet eruit komen”.

Gewoon even zitten en terugkijken.

Soms schrijf ik iets op. Drie dingen die goed waren. Iets wat bleef hangen. Of gewoon één zin waarvan ik merk: dit wil even gezien worden.

En soms schrijf ik niets.
Dan weet ik het al.

Wat er verandert, zit niet in de handeling zelf. Het zit in wat het ruimte geeft.

Er ontstaat overzicht. Rust. En vooral: iets meer mildheid.

Omdat je ziet dat je niet alleen maar “druk bezig was” maar ook gewoon mens was. Met alles wat daarbij hoort.

En dat maakt verschil. Omdat je jezelf iets beter begrijpt en iets minder snel tegen jezelf ingaat.

Ik merkte ook dat het doorwerkt. Dat ik overdag iets sneller opmerk wat er gebeurt. Dat ik iets eerder kan bijsturen. Of dat ik soms gewoon even stilval en denk: oh ja… dit gebeurt nu.

Niet perfect. Niet altijd op tijd. Maar wel vaker.

En eigenlijk is dat het enige wat verandert… hoe je erin staat.

Misschien is dat ook waarom die paar minuten aan het einde van de dag zoveel kunnen doen. Ze lossen niet alles op, maar je komt wel even terug.

Bij jezelf.

En heel eerlijk? Vijf minuten lukt meestal wel.
Zelfs op een dag waarop je dacht dat dat echt onmogelijk was.